Column – Bart & Cat
De belevenissen van Bart Buwalda met zijn Hirondelle Amphiliessa.
Bart Buwalda
Een catamaran voor 7000 man
Wij gaan, zo hebben we plechtig aan gekke oom Donnie beloofd, 5% van ons BNP uitgeven aan ‘duizend bommen en granaten’ (Kapitein Haddock). Ooit zijn we gewaarschuwd door ex-generaal en later president Eisenhower voor het militair industrieel complex. Dat is Mark R., hoewel historicus van z’n vak en bewonderaar van Eisenhowers tijdgenoot Churchill, blijkbaar vergeten.
‘In de goeie ouwe tijd’ circa 300 jaar voor Christus konden ze er ook wat van, geld uitgeven aan het (industrieel) militair complex. In wat wij als ‘de oudheid’ beschouwen stond het BNP volledig ten dienste van de militaire uitgaven, dat was de eerste prioriteit. Zo ongeveer wat Rusland nu doet. De koningen, keizers en farao’s hadden namelijk een gezamenlijke hobby: oorlog voeren. Vooral de rijken langs de Middellandse Zee maar ook de Polynesiërs gaven veel geld uit aan hun maritieme oorlogsmachine.
De oude Atheense Grieken wisten het al: wie de zee beheerst, beheerst de wereld. Die wijsheid is in Brussel teloorgegaan maar lijkt in Beijing goed begrepen. Rond 300 voor Christus voeren er t.b.v. de maritieme oorlogsvoering catamarans over zee met aan boord zo’n 7000(!) manschappen. Vergelijk dat met een eigentijds groot vliegdekschip van ‘slechts’ 5000 manschappen m/v.

De bouw en onderhoudskosten van die cats waren gigantisch en de manoeuvreer-eigenschappen lieten nogal te wensen over. Maar je kon op het giga-dek lekker veel manschappen, katapulten en een paar gevechtstorens kwijt zodat je de vijand over z’n eigen stadsmuren heen kon bestoken.
De voorstuwing van dat geheel: roeiers, drie lagen boven elkaar met aan elke riem zeven of acht man. “Haalt op gelijk!” met meer dan veertig spanen aan elke zijde lijkt dat schier onmogelijk bij die aantallen en hoort de andere romp het wel? Ze kregen het voor elkaar maar vraag me niet hoe.
Grote boten zijn nog steeds populair onder machtigen en rijken al is het maar om met je schatje naar de bruiloft in Venetië te varen. Dat het met zo’n grote hiep, hiep, hoera pretboot ook wel es lelijk misgaat is nog niet zo lang geleden gebleken, het wrak van dat ‘jachie’ is onlangs uit de Middellandse Zee omhoog getakeld. Wat die patsers niet in de peiling hebben is dat bijvoorbeeld die grote cats al vrij snel -letterlijk- ingehaald werden door veel kleinere triremen die veel handzamer waren in het dagelijks krijgsbedrijf.
Het formaat zegt niet alles maar je doet er goed aan een bootje te bezitten dat past bij je menselijke mogelijkheden. Richting gevend is daarbij een quote van rijkaard Piet V. eigenaar van de fameuze racers Tonnere de Breskens. Hij liet regelmatig een nieuw wedstrijdjacht ontwerpen en bouwen en dat kostte een fortuin. Maar op zijn manier bleef ‘ie bescheiden “Ik ben dan wel rijk maar ik kan toch maar drie keer per dag eten,” dat is wijsheid, je bewust zijn van je beperkingen.
Een mooie vaarzomer met je ‘bootje’,
groeten Bart